Weggebruikers
Deze les beantwoordt de vraag die het examen steeds stelt: wie staat daar, en welke regels gelden voor hem. Een fout hier kost meer dan een onbekend bord: hij maakt een hele klasse antwoorden verkeerd.
«Bestuurder» is ruimer dan je denkt
Een `bestuurder` is niet alleen wie achter het stuur van een auto zit. De fietser is bestuurder. De ruiter is bestuurder. De veedrijver ook. «Rechts gaat voor» geldt voor hen allemaal, en «het is maar een fiets» is geen argument.
De voetganger is een aparte categorie, en wie zijn fiets aan de hand meevoert telt als voetganger.
Meer in de [woordenlijst](/nl/glossary/bestuurder).
Probeer zelf: [begrippen uit de wet](/nl/oefenen?onderwerp=legal-definitions) — 14 vragen.
Bromfiets en snorfiets zijn niet «snel en langzaam»
Ze lijken op elkaar en het kenteken verschilt alleen in kleur. Verder verschilt alles:
| `bromfiets` | `snorfiets` | |
|---|---|---|
| Kenteken | geel | blauw |
| Snelheid | 45 op de rijbaan | 25 overal |
| Waar | fiets/bromfietspad, anders de rijbaan | mag het onverplichte fietspad |
Volledige tabel: [snelheden AM](/nl/tables/am-snelheden); kaarten [bromfiets](/nl/glossary/bromfiets) en [snorfiets](/nl/glossary/snorfiets).
Probeer zelf: [kwetsbare weggebruikers](/nl/oefenen?onderwerp=vulnerable-users) — 37 vragen.
Voor wie je altijd ruimte maakt
Een voorrangsvoertuig met zwaailicht ÉN sirene gaat voor, ongeacht borden of markering. De tram meestal ook: die kan niet uitwijken, en de wet houdt daar rekening mee.
Probeer zelf: [tram en bus](/nl/oefenen?onderwerp=trams-buses) — 31 vragen.
Wat je onthoudt
Bepaal eerst de categorie, pas dan de regel. «Het is maar een fietser» telt niet: voor de voorrang is hij net zo goed bestuurder als jij.