B06

Verleen voorrang aan bestuurders op de kruisende weg

Wat het betekent

Je moet bestuurders op de kruisende weg voor laten gaan. Stoppen hoeft niet als de weg vrij is — je mag doorrijden zolang je niemand hindert.

Wat het van je vraagt

Voorrang verlenen betekent: de ander mag zijn weg ongehinderd vervolgen. Moet hij door jou afremmen of uitwijken, dan heb je geen voorrang verleend, ook al ben je zelf niet gestopt.

Waar het staat

Op de zijweg, vóór het kruispunt. Meestal liggen er haaientanden bij; die doen hetzelfde werk en gelden ook zonder bord.

Hoe ver het geldt

Geldt voor het kruispunt waarvoor het staat.

Voor wie

bestuurder

Ook fietsers en bromfietsers zijn bestuurders en moeten dus voorrang verlenen.

Verwar het niet met

  • B07

    Bij B6 hoef je niet te stoppen als het vrij is; bij B7 moet je altijd stoppen, ook op een leeg kruispunt.

Verwante borden

Termen

Zo klinkt het op het examen

Je nadert bord B6 en het kruispunt is leeg. Moet je stoppen?

De wet zelf

  • RVV1990 art. 62

    «Weggebruikers zijn verplicht gevolg te geven aan de verkeerstekens die een gebod of verbod inhouden.»

  • RVV1990 art. 64

    «Verkeerslichten gaan boven verkeerstekens die de voorrang regelen.»

Gecontroleerd op: